Hebt ge al iets gegeten?
Zoudt ge nie beter een beetje rusten?
Kies maar, ’t is wat gij wilt.
Waar is uw hesje? En doe nen helm aan! En een warme trui.
Aaaaa, goed plan. Zie ik helemaal zitten.
Laat maar, geen probleem, allemaal oké.
Dat ik u ga missen.
Ik bid voor u.
Liefde kent veel vertalingen.
Al die brokskes en hertalingen van liefde, al die soorten van een of andere manier van zij-aan-zij door het leven gaan, zijn op zich wonderlijk teken en model van Gods liefde voor de mens. In alle uiteenlopende omstandigheden waar mensen balsem of bodem worden voor mekaars ziel, daar is God, want: zo is God. Diens liefde -groot, wijd, warm, eeuwig- mochten we vieren en vragen in de Allerliefdeviering.
Op de foto’s hieronder zie je jong en oud, vaste klant en toevallige passant.
Je ziet verloofden, pasgehuwden, jubilarissen.
Niet minder hebben we gebeden van alle gemis. Ze is deel van de liefde.
Vooraan zie een minikoortje met muzikanten. En een adelaar. Die hoorde bij het lied ‘Die mij droeg op adelaarsvleugels….’.
De traditionele oranje bloem ontbrak niet. Op het einde kreeg iedereen er eentje mee om door te geven aan iemand of … te leggen bij iemand.
Vermits het een jubelzondag was (een gezamenlijke viering) dronken we nadien een glas.
Dank aan velen. Dank voor veel.
We mogen ons -zoals in dat lied van de adelaarsvleugels- wagen aan het leven en de liefde, vertrouwend op God, want nooit tuimelen we helemaal.

